Tja, het leven op het platteland is mooi. Maar er zitten ook wat lastige dingen aan. Zo is al langer bekend, niet op z’n minst door het programma op tv “boer zoekt vrouw” dat het voor boeren niet eenvoudig is om aan de vrouw te geraken. Nu is dat voor een gemiddelde Nederlander al niet altijd even makkelijk, voor een boer zijn er wat extra hindernissen. De beschikbaarheid van vrouwen om mee te beginnen. Er zijn minder vrouwen die zitten te wachten op het traditionele leven wat het boerenleven vaak oproept. Bovendien willen de vrouwen tegenwoordig meer dan alleen de boerderij, de kinderen en de boer verzorgen.
Als er dan een vrouw vrij komt, om wat voor reden dan ook, dan weten de vrijgezelle plattelanders dat al snel. Geen idee hoe daar aan de keukentafel over gesproken wordt maar ik stel me zo voor dat het erover gaat dat die en die in de steek gelaten is en of de zoon daar niet eens wat werk van zou moeten maken. Hij wordt er immers ook niet jonger op? Dus, de zoon gaat eens op onderzoek uit en komt op zondag om een bakkie koffie. Het gesprek loopt moeizaam, het is een stugge boer. Wel aardig hoor, daar niet van, maar niet echt soepel in de conversatie zal ik maar zeggen. Ik had toen al een vermoeden dat hij zich beschikbaar kwam stellen. Vandaag kwam hij weer aan, met de zin dat hij even naar het vee in de wei naast mijn huis was gaan kijken en vroeg hoe het hier nu was.
Echt, het is een aardige boer, belangstellend. Maar zo verschrikkelijk verlegen dat ik er ongemakkelijk van wordt. Deze keer kon ik hem afwimpelen omdat ik een vriendin verwacht, maar een volgende keer? Moet ik hem maar meteen duidelijk maken dat ik niet op zoek ben naar een boer? Dat hij zich de moeite kan getroosten. Hij moest beter weten. Ik ben dan wel erg verdrietig, ik ben niet wanhopig. En dat is dan wel weer een troost, me dat te realiseren.